Colorectale Tumoren
COLORECTALE TUMOREN – KLINIEK VOOR TUMOR- EN RECTUMZIEKTEN
De behandeling van colorectale kanker vereist een multidisciplinaire benadering. Alle experts die betrokken zijn bij de kankerdiagnose en –behandeling delen hun kennis, wat tot een echte synergie en een behandeling ‘op maat’ voor elke patiënt leidt. Deze multidisciplinaire benadering wordt al meer dan tien jaar toegepast bij colorectale kanker en wordt verzekerd door het team van de Kliniek voor tumor- en colorectale ziekten.
EPIDEMIOLOGIE
In België komen er jaarlijks meer dan 7000 gevallen voor. Bij mannen komt colorectale kanker qua frequentie op de derde plaats, na long- en prostaatkanker. Bij vrouwen komt hij op de tweede plaats, na borstkanker.

Jaarlijks worden bij ons bijna 200 patiënten met dit type tumoren verzorgd. In dit cijfer zijn een vijftigtal rectumkankers inbegrepen. Hoewel men dikwijls gemeenzaam over ‘colorectale’ kankers spreekt, is het toch belangrijk om, met name op therapeutisch vlak, een onderscheid te maken tussen colonkanker en rectumkanker.
Als colonkanker vroegtijdig wordt gediagnosticeerd en behandeld, geneest hij in 95 tot 100 % van de gevallen. Opsporing is dus van het grootste belang.
RISICOFACTOREN
Sommige colorectale kankers komen geïsoleerd of ‘sporadisch’ voor bij mensen die er niet echt vatbaar voor zijn, andere in families met een genetische voorbestemdheid.
Sporadische kankers komen over het algemeen tot uiting na de leeftijd van 65 of 70 jaar. Ze zouden in de hand worden gewerkt door overdreven consumptie van rood vlees of door onvoldoende vezels of te weinig lichaamsbeweging. Milieufactoren kunnen eveneens een rol spelen.
Tenslotte hebben ontstekingsziekten van de darmen zoals de ziekte van Crohn en rectocolitis haemorrhagica een bevorderend effect.
Sporadische colorectale kanker kent een traag verloop: er kunnen tientallen jaren verlopen tussen het begin en het optreden van de eerste symptomen.
Familiaire adenomateuze polypose is een erfelijke kanker waarbij de mutatie van een gen van de ene op de andere generatie wordt doorgegeven. Deze ziekte is verantwoordelijk voor 1 % van de colorectale kankers in België. Omdat het risico op kwaadaardige degeneratie 100 % bedraagt, moeten de dikke darm en het rectum met een preventieve operatie volledig worden weggenomen en het darmcircuit opnieuw worden geconstrueerd voor de kanker verschijnt.
De leden van het team behoorden tot de eersten die deze mutaties onderzochten. In 1993 stonden ze aan de wieg van het nationale polypose register, dat door het FAPA (Familial Adenomatous Polyposis Association) wordt beheerd.
Erfelijke colorectale kanker zonder polypose, eveneens syndroom van Lynch genoemd, is een andere vorm van erfelijke kanker die 5 % van de colorectale kankers vertegenwoordigt.
Deze erfelijke vormen van kanker treden vroeger op dan sporadische kankers. Dikwijls gaat het om meervoudige kankers en kunnen ze eveneens andere organen treffen. Dat toont het belang van vroegtijdige opsporing in risicofamilies aan.
De genetische afwijking die voor deze kanker verantwoordelijk is, werd in 1998 ontdekt en werd sinds zijn ontdekking systematisch onderzocht in alle colontumoren die in onze kliniek werden geopereerd. Daardoor konden we de zieken identificeren die deze afwijking hebben en in hun families tot de nodige opsporingsonderzoeken overgaan; dat gebeurde via raadplegingen voor genetisch advies.

Une partie de l'équipe de la Clinique des Pathologies Tumorales du Côlon et du Rectum
OPSPORING
In risicofamilies moet de opsporing voor de leeftijd van 50 jaar beginnen, liefst op 40 jaar of 10 jaar voor de eerste kanker in de familie verschijnt. In dit geval zal de opsporing vanaf het begin via een coloscopie gebeuren.
Darmpoliepen zijn letsels waaruit zich kankers kunnen ontwikkelen. Ze zijn slechts heel zelden symptomatisch. Deze poliepen worden tijdens de coloscopie weggenomen om te vermijden dat ze in kanker ontaarden.
DE SYMPTOMEN
Een verandering in de ontlastingsgewoonten (men moet zich ongewoon vaak ontlasten, afwisselend diarree en verstopping…) is vaak een van de eerste tekenen van de ziekte. Bloedverlies uit de anus kan eveneens een symptoom zijn. Het gaat soms om veel bloedverlies dat echter slechts met tussenpozen optreedt en ten onrechte wordt genegeerd.
CHIRURGISCHE BEHANDELING
Chirurgie blijft tot op heden de hoeksteen in de behandeling van colorectale kanker. Ze wordt vaak gecombineerd met andere therapeutische middelen zoals radiotherapie en chemotherapie.
Het zorgschema wordt tijdens de bijeenkomsten van het team besproken.
De chirurgische technieken zijn erg geëvolueerd. Zo betekende de laparoscopische benadering een revolutie in de chirurgische behandeling van colonkanker in het beginstadium. Ze wordt sinds 1998 uitgevoerd door de colorectale chirurgische unit. De geldigheid van laparoscopieën is tegenwoordig duidelijk aangetoond.
Tijdens een laparoscopische behandeling bekijkt de chirurg het operatieveld met een camera die verbonden is met een optische vezel en hanteert hij zo de instrumenten die via kleine openingen in het lichaam zijn gebracht.
Op die manier wordt de integriteit van het lichaam gerespecteerd, kan de tumor volledig worden weggenomen en wordt overmatige verminking vermeden.
Er komen minder post-operatieve complicaties voor en de esthetische gevolgen van de ingreep zijn nauwelijks zichtbaar. De patiënt herstelt veel sneller dan na een traditionele operatie. Op grond van hun ervaring met kijkoperaties heeft ons chirurgisch team het ‘fast track’ –concept’ uitgewerkt dat erop gericht is om de impact van de operatie op de patiënt zoveel mogelijk te beperken en hij in de meeste gevallen niet langer dan drie dagen in het ziekenhuis moet worden opgenomen.
Net zoals bij colonkanker vertoont de chirurgische behandeling van rectumkanker zeer specifieke kenmerken. Naargelang de plaats en de verspreiding van de tumor worden drie technieken gebruikt.

Dissection intersphinctérienne partielle
Endoscopische transanale microchirurgie maakt het mogelijk om kleine rectumtumoren via de natuurlijke weg te behandelen. Het is een voorbeeld van de inspanningen die gedaan worden om chirurgie zowel doeltreffend als weinig invasief te maken.
Meer gevorderde rectumkanker vertoont een hoog risico op plaatselijk recidief. Chirurgie kan hier leiden tot grote veranderingen in de plas- en de seksuele functie, zowel bij vrouwen als bij mannen. Het is dus belangrijk dat men een techniek kiest waarmee deze complicaties kunnen worden voorkomen. Bij een ‘totale mesorectale excisie’ wordt de kanker volledig weggesneden en blijven de plas- en seksuele functie volledig behouden.
Het chirurgisch team gebruikt deze techniek al meer dan tien jaar en neemt bovendien deel aan het nationale ‘PROCARE’ programma waarmee alle chirurgen die dat wensen de techniek kunnen aanleren.
Vroeger leidde chirurgie van het rectum meestal tot een amputatie van de bekkenbodem en de anus en moest men een zakje, een zogenaamde stoma plaatsen. Met zeer gesofisticeerde conservatietechnieken die tot het uiterste worden doorgedreven en in referentiecentra worden uitgevoerd, kan men tegenwoordig bij sommige patiënten de sluitspier van de anus beter bewaren en de patiënt zodoende de grote ongemakken van de stoma besparen.
Bij uitzaaiingen in de lever, die bij dit type kanker veel voorkomen, wordt het geval van elke patiënt gemeenschappelijk besproken door de specialisten van het team en van de multidisciplinaire groep lever-gal-pancreas oncologie. Voor meer informatie over deze multidisciplinaire groep, klik hier.
RADIOCHEMOTHERAPIE
Andere therapeutische middelen die bij colorectale kanker worden ingezet, zijn radiotherapie en chemotherapie. Radiotherapie wordt alleen gebruikt voor de behandeling van rectumkanker, niet bij colonkanker en is bovendien alleen aangewezen in het gevorderde stadium van rectumkanker.
Chemotherapie kan eveneens nuttig zijn na de chirurgische behandeling van bepaalde kankers van het rectum of de colon.
Er werd heel wat vooruitgang geboekt in de farmacologische behandeling van colorectale kanker. Nieuwe ‘gerichte’ therapieën’ kwamen tot stand en worden in het kader van uitgebreide internationale studies gebruikt waaraan referentiecentra zoals het onze deelnemen. De meeste behandelingen gebeuren nog ambulant, via intraveneuze weg, zodat de patiënten niet moeten worden opgenomen Sommige geneesmiddelen kunnen ook oraal worden ingenomen.

Système de drains, capteurs de pression et de température en place pour la chimio-hyperthermie intra-péritonéale à ventre fermé
Tenslotte is intraperitoneale chemo-hyperthermie bij colorectale kanker die naar de buik is uitgezaaid, het resultaat van een multidisciplinaire aanpak. Ze wordt bij sommige uitgebreide colorectale kankers gebruikt en bestaat uit het lokaal toedienen (na wegneming van al het intraperitoneale tumorweefsel) van verwarmde chemotherapie die de kankercellen vernietigt die de operatie hebben overleefd.
Met deze benaderingen verbeteren de vooruitzichten van de zieken en kunnen ze zelfs in gevorderde stadia van de ziekte genezen.
ONDERZOEK
Naast klinisch onderzoek onderscheidt onze multidisciplinaire groep zich eveneens door zijn intensieve fundamentele onderzoeksactiviteiten.
In de groep werken twee promovendi, de ene aan de basismechanismen die verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van colorectale kanker en de andere aan risicofactoren voor herval van deze kanker. Ze doen dat in nauwe samenwerking met het nationale PROCARE-project waar alle specialisten nauw bij betrokken zijn.

