Radiologie
Sinds enkele jaren wordt er heel wat vooruitgang geboekt op het gebied van de diagnose, de behandeling en de opvolging van kankerpatiënten, met name dankzij de snelle evolutie in medische beeldvorming. Dit medisch specialisme gebruikt zowel stralingsmethoden zoals de traditionele radiologie, de CT scanner, angiografie, fluoroscopie, als niet-stralingstechnieken zoals echografie en nucleaire magnetische resonantie. Elke beeldvormingmodaliteit heeft zijn eigen voor- en nadelen die radiologen en clinici kennen en die ze dus in functie van de klinische context, het bestudeerde orgaan of het te evalueren tumortype uitkiezen.

STRALINGSMETHODEN
Röntgenstralen moeten op een gepaste manier worden gebruikt omdat verkeerd gebruik nadelige effecten kan hebben voor de onderzochte organen. In deze context werd er de laatste jaren een grote technologische vooruitgang geboekt om de beeldkwaliteit in de radiologie te verbeteren en de blootstellingduur aan röntgenstralen te verkorten. De onmiddellijke gevolgen van deze vooruitgang zijn dat het beeld nu veel sneller wordt verkregen en dat men toegang heeft tot hoge resolutie (fijnere details). Omdat de patiënt tijdens het onderzoek niet mag ademen, kan men nu dankzij deze verbeteringen een veel groter gebied onderzoeken en hoeft men de adem niet meer zo lang in te houden. Met de CT scanner, een methode die gebruik maakt van röntgenstralen, kan men zodoende binnen een paar seconden beelden van de ganse borstkas verkrijgen, met sneden van minder dan 1 mm. Amper tien jaar geleden duurde het ongeveer 30 seconden voor een beeld van hetzelfde gebied, met sneden van ongeveer 5 mm.
TECHNIQUES NON IRRADIANTES
De niet-stralingstechnieken voor beeldvorming hebben eveneens hun voor- en nadelen. Een echografie is volkomen ongevaarlijk maar de kwaliteit van het beeld en de diagnose zijn sterk afhankelijk van de ervaring van de uitvoerende arts. Met beeldvorming via magnetische resonantie (MRI), kan men, in tegenstelling tot een echografie, globale beelden verkrijgen van sneden van het bestudeerde orgaan en het dus gemakkelijker onderzoeken. Er werden eveneens aankopen gedaan in verschillende ruimtelijke opnamen om bepaalde afwijkingen te verduidelijken. Het grote voordeel van deze techniek ten opzichte van de CT scanner die eveneens beelden in sneden geeft, is dat men bepaalde weefsels zoals vet goed kan onderscheiden. De MRI levert ook bij herhaaldelijk gebruik geen gevaar op voor de patiënt. Patiënten die ijzeren of magnetische voorwerpen zoals een pacemaker of bepaalde materialen voor botbevestiging dragen, kunnen echter niet op deze manier worden onderzocht. Het gaat bovendien om een relatief duur soort onderzoek.
PET CT
Een laatste techniek, PET-CT genaamd, werd pas onlangs in het arsenaal van de medische beeldvorming geïntroduceerd. Het gaat om een scanner die twee technieken van medische beeldvormingtechnieken combineert: röntgenstralen (CT) en positron emissie tomografie (PET). Met deze nieuwe technologie volstaat een enkel onderzoek om een idee te krijgen over de werking en vorm van organen. Dankzij de uiterst nauwkeurige beelden die deze succesvolle combinatie oplevert, kan men bij bepaalde aandoeningen beter een diagnose stellen. Voor meer informatie over de PET CT, klik hier (link naar PET CT).
Er bestaan verschillende technieken voor medische beeldvorming en ze hebben elk hun eigen voor- en nadelen. Naargelang het geval dragen ze echter allemaal bij aan de diagnose en de planning van de kankerbehandeling.
De beslissing om deze of gene radiologische techniek te gebruiken voor het stellen van de diagnose, is afhankelijk van het type kanker en wordt met name bepaald door het deel van het lichaam dat men wenst te onderzoeken. Om een longletsel van een rokende patiënt te onderzoeken, zal de longspecialist hem bijvoorbeeld eerst onderzoeken en dan een standaard radiografie van de borstkas vragen. Als er een afwijking is, heeft hij een onderzoek met de CT nodig om te zien of het letsel goed- of kwaadaardig is. Met de scanner kan men eveneens aantonen of het letsel gepaard gaat met andere afwijkingen, bijvoorbeeld of de klieren zijn aangetast en of er botafwijkingen zijn. In de meeste gevallen vraagt hij om een punctie uit te voeren via fluoroscopie, echografie, endoscopie of via de CT scanner om het type kanker te bepalen dat moet worden behandeld. Hij kan eveneens verschillende beeldmodaliteiten gebruiken om de balans van de verspreiding van de tumor op te stellen.
ONZE SPECIFIEKE KENMERKEN
Om het hoge niveau in expertise en efficiëntie te bereiken waaraan het multidisciplinaire team dat zich met de zieken bezighoudt behoefte heeft, beschikken we over een goed uitgerust technisch plateau met spitsapparatuur. De groep beeldvormingsspecialisten die in deze entiteit werken, werkt zich voortdurend bij omdat de kennis en de technieken zeer snel evolueren. Het is eveneens belangrijk om te weten dat we over een beeldarchief met de ganse voorgeschiedenis van de patiënt beschikken en dat we op die manier beelden met elkaar kunnen vergelijken die op verschillende momenten van de ziekte zijn gemaakt, zodat we bijvoorbeeld de effecten van de behandeling kunnen evalueren.
Zowel voor radiologen als voor alle medische specialismen die met kanker worden geconfronteerd, zijn grote competentie en samenwerking binnen een multidisciplinair team absolute vereisten. Elke radioloog is gespecialiseerd in een bepaald orgaan, heeft daarover bijzonder veel kennis en besteedt er het grootste deel van zijn activiteiten aan.
ANDERE BIJDRAGEN VAN DE RADIOLOGIE
De gegevens afkomstig van onderzoeken met de MRI, CT scanner of PET CT kunnen worden aangewend om de behandelingen met radiotherapie te plannen. Deze onderzoeken geven namelijk een idee over de grootte en de aflijning van de tumor, en eventueel over woekerende klieren. Radiotherapeuten kunnen op die manier dosesprofielen maken om het te behandelen letsel beter te kunnen treffen.
Radiologie kan eveneens worden gebruikt als gids voor de radiofrequentie, een techniek die gebaseerd is op het inbrengen van een sonde in het getroffen orgaan om het tumorletsel radicaal uit te roeien.

